Terwijl ik deze blog schrijf zit ik in de duinen te staren naar de zee. Aan de ene kant is het heeerlijk. Ik hoor de meeuwen op de achtergrond en voel me heel erg thuis aan de zee. Aan de andere kant voel ik mij schuldig en een slecht mens omdat ik even tijd voor mezelf heb genomen. Dat tijd voor mezelf nemen is iets dat ik echt nodig heb om fijn te kunnen blijven functioneren en tóch vind ik het zoooo moeilijk. Want ik ben moeder, we zijn op gezinsvakantie, dit hoort niet, ik heb zelf voor dit leven gekozen, allemaal gedachten die door mijn hoofd spoken. Terwijl ik aan de andere kant dondersgoed weet dat de mannen zich prima vermaken bij het huisje. Met een groot privé grasveld om op te voetballen en een trampoline zullen ze mij die 2 uurtjes niet zo snel missen.

Oké dus ik laad niet zo goed op tussen de mensen, zelfs niet tussen mijn eigen mensen. Pas echt als ik alleen ben. En hier zit ik dan. Alleen. In de duinen. Iets dat ik heerlijk vind, maar nu wel met een vervelend schuldgevoel.  

En dat gevoel beklemd, het benauwd me een beetje. Het voelt alsof ik alsnog niet helemaal kan genieten van het alleen zijn. Het zijn de patronen en overtuigingen die ik door mijn leven heen heb ontwikkeld en verzameld die mij nu tegenhouden in het volledig aanwezig zijn. Want het kan en het mag wel. En ik kan mij voorstellen dat het mij een vrij gevoel zou kunnen geven.

Maar wat nou als deze minder prettige gevoelens er voor altijd zullen zijn? Niet dat ik nu pessimistisch wil doen, maar situaties en omgevingen veranderen. Nu ben ik moeder van een jong kind, bouw ik aan mijn eigen bedrijf en werk ik parttime. Voel ik mij schuldig als ik wat me-time pak. Maar tijden en situaties veranderen. Mensen worden ook zomaar ineens mantelzorger voor een geliefde, of raken hun baan of hun eigen gezondheid kwijt. Over 5 jaar bijvoorbeeld zal ik mij vast in een andere situatie begeven en zullen er nog steeds gevoelens die minder welkom zijn.

Vrijheid zit voor mij dus niet in de afwezigheid van dat gevoel, maar in de aanwezigheid van beide contrasten. Ze zijn beiden tegelijkertijd aanwezig. Het is er en het voelt gewoon een beetje rot. En ondertussen is die zee er tegelijkertijd ook. Eerlijk gezegd voelt dit voor mij als heling. De contrasten doorstaan. Doorvoelen. Het één is niet slechter dan het ander. Alles is er gewoon. Tegelijkertijd en dat is oké. Zelf bepaal ik waar ik mijn aandacht op richt. Of ik nu mijn vervelende gevoel wil doorvoelen of dat ik de zilte lucht diep wil inademen.

Ik bepaal. En dat is voor mij innerlijke vrijheid.